SICA, Trans Artists and MEDIA Desk Netherlands have merged into the organisation for international cultural cooperation. Read more

Close

Topstad moet van onderop komen

Dit artikel is gepubliceerd in SICAmag editie 32, 2006.


Tijdens het recente festival ‘Picnic 06’ werden Amsterdamse toptalenten als Marleen Stikker, directeur van Waag Society: maatschappij voor oude en nieuwe media, flink in het zonnetje gezet. Geheel terecht, vindt Diana Krabbendam: “Marleen Stikker is één van de mensen die al sinds jaar en dag bezig met Amsterdam als nieuwe media stad te laten meetellen. Maar pas nu worden die successen verzilverd; het zou zoveel beter zijn als er al in eerdere fases een pluim kon worden uitgedeeld.” Krabbendam is ruim twintig jaar actief in het verbinden van de creatieve sector en het bedrijfsleven in Amsterdam en daarbuiten. In de afgelopen jaren heeft zij veel creatief talent ontdekt gepromoot. Als hoofdredacteur van vormgevingsmagazine is zij betrokken bij de jaarlijkse selectie van eindexamenwerk van de kunstacademies. Dat ze een goede neus voor talent heeft, blijkt uit het feit dat veel van de door gemaakte selecties de internationale ‘markt’ bereiken. Aan die internationale promotie helpt ze zelf ook een handje mee. Zo was Krabbendam jarenlang voorzitter van het bestuur betrokken bij de Young Designers & Industry. Dit jaar zorgde zij ervoor dat kantoorfabrikant Ahrend op de beroemde designbeurs Salon del Mobile zich in combinatie met Nederlands talent presenteerde en recent was ze als art director betrokken bij de tentoonstelling in Tokio, de grootste designbeurs van Japan.


Krabbendam is zeer begaan met het ontwikkelen van talent. Want talent moet de ruimte krijgen èn gevoed worden: met kennis, met aandacht en met financiële middelen.
Vooral in dat laatste schiet Amsterdam vaak tekort, vindt ze. "Als je nagaat dat er in Amsterdam een aantal pioniers al in de jaren tachtig met nieuwe media experimenteerden en dat de oprichters van toonaangevend magazine dat startte in 1993, reeds in 1987 bezig waren met waar dus de voorloper van was en dat werd vorm gegeven door Amsterdammer Max Kisman èn dat de Digitale Stad al in 1994 startte, moet je je afvragen of de gemeente afgelopen jaren niet heeft zitten slapen. Amsterdam had zichzelf tien jaar geleden al tot Nieuwe Media stad kunnen verklaren. Dan waren we nu allang een topstad geweest. Natuurlijk kun je ervan uitgaan dat echt talent toch wel komt bovendrijven, maar een gemeente heeft wel een taak om een stimulerend klimaat te bieden, zodat positieve energie niet verloren gaat.”
Zelf merkt ze, als directeur van de stichting Pal West, hoe belangrijk dat is bij de ontwikkeling van Pal West Modeatelier: een nieuw initiatief waarbij jonge ontwerpers samenwerken met jongeren uit de achterstandswijk Amsterdam Nieuw West. “Samen met Young Designers & Industry, woningbouwvereniging Ymere, leerlingen van het ROC van Amsterdam en het Amsterdam Fashion Institute, en met steun van de Kamer van Koophandel, Stichting Doen en Amsterdams Fonds voor de Kunsten, worden talentvolle jongeren in de leeftijd van 14 tot 17 jaar ondersteund bij het vormgeven aan een eigen modemerk. We denken dat dit een win-win situatie gaat opleveren. De jongeren zijn erg bezig met hun identiteit en kunnen de jonge ontwerpers dus perfecte input geven van wat er leeft in hun doelgroep. De ontwerpers op hun beurt laten zien hoe je iets met je talent kunt opbouwen. Bovendien zijn de ROC-leerlingen vaak veel praktischer geschoold. Ze beheersen het handwerk beter dan ontwerpers die zijn opgeleid aan een Rietveld Academie. In juni 2007 wordt de collectie gepresenteerd op een spectaculaire modeshow. Daarna hopen we dat er nieuwe relaties zijn ontstaan waardoor de jongeren gemotiveerder hun studie afmaken, verder gaan in het modevak of anderszins hun talent gaan inzetten.” Het project lijkt nu al een succes: jongeren en ontwerpers staan te popelen om aan de slag te gaan. Echter de broodnodige gemeentesubsidie laat op zich wachten. “De gemeente weet nog niet waar het geld vandaan moet komen en dat vind ik onbegrijpelijk. Het is een project dat juist is gericht op het stimuleren van talent en bovendien ook nog op de ontwikkeling van achterstandsgebieden in de stad; beide zijn speerpunten van het nieuwe college. Maar toch is de gemeente huiverig om hierin te investeren. Voor ‘probleemjongeren’ zijn er wel potjes, maar wij willen juist voorkomen dat er probleemgroepen ontstaan.”


"Als je topstad wil zijn, moet dat van onderop komen”. Dat is de centrale stelling van Krabbendam. Een mening die gedeeld wordt door de Amsterdam Creativity Exchange (ACX)-, waarvan Krabbendam bestuurslid is. De ACX bestaat uit actieve creatieve Amsterdammers en heeft tot doel door middel van netwerkvorming en verdiepende bijeenkomsten, de samenwerking tussen creatieven en het bedrijfsleven in Amsterdam te versterken. Zo wordt er samengewerkt met de Amsterdamse ondernemingsvereniging ORAM. “ De Amsterdam Creativity Exchange is echt een netwerkknooppunt. Ik heb de indruk dat Amsterdammers graag met elkaar samenwerken en dat we daarmee ook vaak gunstig afsteken tegen het buitenland. De schaal van Amsterdam maakt die samenwerking ook goed mogelijk.” De ACX maakt creatief Amsterdam ook voor buitenlanders inzichtelijk, door uitwisselingsprogramma’s zoals met de Poolse stad Lodz en door de website waarop veel netwerkactiviteiten te vinden zijn. Krabbendam draagt zelf ook bij aan de buitenland promotie van creatief Amsterdam, met de door haar geïnitieerde , een jaarlijks verschijnend magazine over creatieve plekken en makers in de stad. “Creatief Amsterdam wordt pas echt zichtbaar als je de verhalen van de kunstenaars, designers of nieuwe media mensen hoort en hun werk kunt zien. Zeker voor buitenlanders is dat leuk om te lezen.” In de laatste editie van die vorige maand is verschenen, is opnieuw veel te vinden over nieuwe creatieve projecten, samenwerkingsverbanden en creatieve hotspots in de stad. Ook gaat de nieuwe dieper in op het imago van Amsterdam en hoe Nederlandse talenten zich in het buitenland manifesteren. Want het moet gezegd, Amsterdam doet het echt zo slecht niet. “ We mogen op de lijst van creatieve steden dan een zesde plaats, onder Madrid innemen, maar als je bekijkt dat we op de lijst van de meeste bezochte steden, samengesteld door Lonely Planet, op nummer 24 staan, dan denk ik dat we het eigenlijk heel goed doen. Amsterdam is geen Londen of Parijs, dus waarom niet tevreden zijn met die zesde plaats en ons inzetten om die Topstad van binnenuit te versterken. stad zou wat dat betreft een betere slogan zijn.”


Diana Krabbendam (1956) is opgeleid aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en werkte als ontwerper voor culturele, maatschappelijke en zakelijke opdrachtgevers, was creatief directeur/partner bij KejaDonia, algemeen directeur/partner bij TBWA/Designers Company en design director bij Randstad.
Zij vervult momenteel bestuursfuncties bij de Amsterdam Creativity Exchange, Transartists, Concern en Syndicaat. Zij is hoofdredacteur van , de en werkt onder de naam School aan creatieve innovatieprojecten en het verbinden van creatieve sector en het bedrijfsleven.


Diana Krabbendam, Michiel Schwarz en Jan van Tiel, hebben samen The Beach opgericht. Dit project is gehonoreerd door de Creative Challenge Call. The Beach werkt samen met de Premsela Stichting en Amsterdam Creativity Exchange, aan het nieuwe domein Creative Resources Development. In het netwerkproject worden concrete stappen gezet tot onder meer het bijeenbrengen van praktijkervaring, het bundelen van kennis en inzicht, het onder de aandacht brengen van het nieuwe kennis- en praktijkdomein Creative Resources Development. Het project krijgt vorm door praktijkanalyses en onderzoek, publicaties en een internationaal symposium eind 2007.

Verder lezen:
http://www.citybrandsindex.com

http://www.acx.nu

http://www.schoolyard.biz

Danielle Arets werkt bij de HKU aan het programma Cultureel Midden en Kleinbedrijf en werkt voor de European Cultural Foundation.